vrijdag 19 juni 2015

Van paplepel naar netwerk

De zoektocht naar de toekomst van het onderwijs is een hele interessante. Meestal heeft het iets van een aantal maatschappelijke trends op een rijtje zetten en vervolgens combineren met wat populistisch gebruik van vermeend wetenschappelijke inzichten. Vaak nog aangevuld met een nauwelijks te overschatten adoratie van technologische mogelijkheden en de impact die dit zou kunnen hebben.

Jaren later terugkijkend blijkt het allemaal vaak toch wat genuanceerder te liggen en zijn er steevast variabelen die ten onrechte buiten beschouwing zijn gelaten. Zo'n variabele die vaak vergeten wordt is de ontwikkeling van het leren zelf. Vijftig jaar terug was leren iets heel anders dan dat het vandaag de dag is. Toen werd leren vooral gezien als het met een paplepel scheppen van kennis in de hoofden van kinderen. Nu, vijf decennia later, zien we leren meer als iets dat gebeurt op basis van interacties binnen netwerken. Hoe anders kan het zijn?
De beste manier om de toekomst van het leren en het onderwijzen te begrijpen is terug te gaan naar de basis. Wellicht dat de onderstaande minipresentatie u daarbij kan helpen.



Wordt de presentatie niet correct geopend op uw device? Klik dan hier.

Met dank aan Albert Rouschop.

Over leren en afleren gesproken

Getipt door Richard Engelfried (twitter @rengelfried) zag ik het onderstaande filmpje over de 'Backwards brain bicycle'. Het lijkt in eerste instantie meer een grap dan een serieus onderwerp, maar niets is minder waar. Het is een, weliswaar niet wetenschappelijk onderbouwd, experiment dat een beeld geeft van hoe wij leren. Oftewel, de wijze waarop onze hersenen 'geprogrammeerd' kunnen worden vanuit leersituaties. Hilarisch om te zien dat leren fietsen dus echt lastig kan zijn als er een totaal ander patroon is ingeslepen.

Maar het filmpje heeft mij ook verder aan het denken gezet dan het succesvol leren omgaan met een vervoermiddel met twee wielen. Als leren en nauwelijks meer kunnen afleren zo met elkaar verweven zijn, wat betekent dit dan voor alle andere zaken die we doen. In de redenering van het filmpje brengt dit soms ook met zich mee dat je iets anders niet (meer) kunt.

We leren kinderen in en buiten de school heel veel nieuwe dingen. Vaak in gesloten leersituaties met een sterke stimulans om convergent te denken. Maar is het dan ook zo dat het daarmee moeilijker wordt om juist divergent te denken en creatief te zijn? Een vaardigheid die in een tijd waarin alles ongelooflijk snel verandert nauwelijks overschat kan worden. Leuk om er zo eens tegenaan te kijken. Ik ben benieuwd naar uw mening.

Maar nu eerst het genoemde filmpje (met dank aan Destin Sandlin).